De wondere wereld van Tool in de Ziggo Dome

Bijna exact twee jaar nadat Tool de Ziggo Dome in Amsterdam al eens aandeed, staat de band er eind mei 2024 “gewoon” weer! De aanhalingstekens staan er niet voor niets want bij en rond Tool gaat er niet veel “gewoon”. Dat blijkt bijvoorbeeld weer eens in de middag voor het concert als het bericht doorkomt dat het smartphonebeleid van de band inmiddels zover is aangescherpt dat je in de zaal ook niet met je telefoon mag betalen. Eigenwijs als altijd, maar is het niet diezelfde eigenzinnigheid en compromisloosheid die maakt dat de band vandaag een show geeft om niet snel te vergeten? Het zadelt me overigens wel met een klein probleem op, want de waarschuwing was duidelijk: bij gebruik van je telefoon (ook al is het om aantekeningen te maken) ga je zonder pardon direct de straat op. Onderstaand verslag is dus meer dan anders “uit het hoofd”. Gelukkig mocht onze fotograaf Kitty van de Waart wel los met haar camera. Zij schoot de platen in dit verslag. Maar genoeg praktische beslommeringen. Hoe zijn de optredens?

Voorprogramma Night Verses komt naar ik vermoed (ze roepen het een keer of vier) uit de buurt van Los Angeles en speelt instrumentale drumgedreven spacerock met snoeiharde gitaaruithalen die je zo het oneindig koude universum inschieten. Soms hoekig met zware riffs en dan swingend met (bijvoorbeeld) slappartijen van de bassist. Maar het is vooral de drummer Aric Improta die de hoofdrol pakt. Allereerst met zijn gedreven harde spel, maar ook door tussendoor steeds op zijn drumstel te gaan staan om de zaal in te schreeuwen en vervolgens weer los te gaan op de vellen. De band is vooral sterk in de zwaardere segmenten met norse metalriffs. Bij de rustiger passages betrap ik me er op soms bijna hardop de vraag te stellen of er niet wat Pelagic-bands zijn die wat verder zijn qua sfeerzetten (Hypno5e iemand?). Nee, laat het powertrio van Night Verses maar lekker freaken en beuken. Dan zijn de heren het meest indrukwekkend, ook voor de aanwezigen zo te horen.

Samples van geweerschoten worden opgevolgd door een stampende gitaarriff als weggeslopen uit Soundgarden’s Slaves & Bulldozers maar dan met de meters al verder in het rood en ook steeds verder in het rood geduwd. In die barre omgeving vormt juist een warme Pink Floyd-achtige gitaarsolo de kers op de verminkte, maar lekkere taart. Na een laatste keer “We are Night Verses” stijgt een aardig en verdiend applaus op. Het geeft kennelijk energie voor de rapste en meest freaky track van de set waarbij free jazz powerdrums gierende spacegitaren en timmerende bassen ontmoeten. Onder de schaduw van het megadrumstel van Danny Carey, dat wel.

Een zeer korte ombouwpauze volgt waarin gelukkig ook de borden die de vakken op de vloer aanduidend worden weggehaald zodat niemand (meer dan gebruikelijk) een bord voor zijn kop hoeft te hebben. Overigens staan in die vakken stoelen. Van een “seated concert” is echter direct bij de hartslag die de show het eerste leven geeft al geen sprake meer. Van voor tot achter staat men om maar niets te missen van het beeldenspektakel. Te beginnen met kolkende lavastromen op het machtige, zaalbrede en -hoge scherm achter het podium wanneer de band (over)donderend inzet met Jambi. Zanger Maynard, getooid met hanenkam20, treedt als gebruikelijk niet op de voorgrond maar neemt zijn plek op de steigers naast het drumstel van Carey. Daar beweegt hij in zichzelf gekeerd als een krab (Rob Trujillo eat your heart out!) tijdens de eerste fraaie gitaarsolo: I wish it all away!

Dat dat laatste zeker geldt voor smartphones, maakt Maynard nog maar eens duidelijk in de speech die volgt. Met een kleine verwijzing naar zijn werk in A Perfect Circle vraagt hij de aanwezigen “to stay connected” en de telefoons in de zakken te houden. Oké, boodschap ontvangen en door met de titeltrack van het mooie laatste album dat ongemerkt toch ook alweer bijna vijf jaar oud is. Het zal toch weer niet? Op het gigantische LED scherm zien we nu fraaie graphics die met de song mee ontwikkelen: een alles verterende groeiende zon verandert in een koude blauwe ster die uiteindelijk toch een iris lijkt te zijn: Fear The Light. Het is in deze metamorphose dat drummer Danny – niet voor het laatst vanavond – schittert met complex drumwerk dat al een song op zich is en opbouwt en opbouwt naar een bijna onmenselijk strak slot waarin we opgenomen worden in de alomvattende gitaar van Adam Jones. Een heuse een masterclass in controle, ritmiek en impact.

Het is frappant hoeveel extra zeggenschap de songs vanavond meekrijgen. Soms klinkt het alsof ze een ander/nieuw leven krijgen. Ik hoor het vooral in Rosetta Stoned, dat me op plaat redelijk bekoort, maar me hier en nu volledig wegblaast. Het fraaie intro (opnieuw gecombineerd met bijpassende beelden) zuigt de luisteraar een andere dimensie in. Dat het geen fraaie is blijkt uit de maniakale voordracht van Maynard die zijn woorden de microfoon (en roeptoeter) in spuugt over zware, industriële dreunen die het lelijke in de wereld lijken te verbeelden. Het is angstaanjagend en betoverend tegelijk: Strapped down to my bed, feet cold and eyes red. Maar niet gespeend van humor, zo blijkt in de laatste zin. De band vervolgt de reis met misschien wel DE moderne Tool-klassieker: Pneuma. Het is hier dat gevoel – die gitaarmelodieën! – en techniek (dat drumwerk, vraag maar aan Mike Portnoy van Dream Theater!) samensmelten in een overweldigend gevoel dat melancholie, wanhoop en hoop omvat, wanneer Maynard onderwijst: (We are) born of one breath. En waar het geluid nooit slecht of zelfs matig was vanavond gaat er nog een tandje laag bij zodat de band nu echt beukt en sleurt totdat de gitaar zich losscheurt uit het gedreun en op weg gaat naar ongekende gebieden.

Wanneer de bandleden na deze magistrale uitvoering van Pneuma wat aan het freubelen zijn op hun instrumenten roept Maynard plots: Danny, what the fuck are you doing?! Genoeg gelachen en door! Met Intolerance maar liefst, dat met precies die agressie wordt gebracht die deze oudere track vraagt. Recent dachten we te lezen dat de band zei dat men mogelijk niet meer in staat zou zijn het oude werk te brengen, maar daar is hier niets van te merken wanneer Maynard raast: You lie, cheat and steal! Een groezelige riff en gelijkaardige solo volgen, waarbij slim wordt gespeeld met spots die eerst – wanneer alleen de gitaar te horen is  – Adam laten zien en bij de eerste tonen van de bas Justin erbij zetten om met het invallen van de drums Danny toe te voegen. Hier wordt niets aan het toeval overgelaten en het werkt. Tegelijkertijd laat het nummer horen dat de band een behoorlijke ontwikkeling heeft doorgemaakt sinds 1993.

Met Descending wordt de technische kant (altijd aanwezig) nog wat meer naar voren geschoven in de vorm van lange instrumentale passages en betoverend gitaar- en bekkenspel terwijl de atmosferische druk toeneemt totdat lasers en gitaar de lucht bevrijdend doorklieven. Het geeft gek genoeg wat ruimte om te ademen tussen al het geweld dat al geweest is en de achtbaanrit die ongetwijfeld nog gaat komen: All hail our lethargy. Zodanig zelfs dat de mensen voor me op hun stoelen dreigen te gaan zitten, maar die weten niet hoe snel ze weer moeten gaan staan wanneer Tool publieksfavoriet The Grudge hortend en stotend inzet: Wear the grudge like a crown! Vastberaden bijt de band zich vast in de strakke complexe ritmes terwijl Maynard gemakkelijk de hoogste uithalen brengt. Veel beter kan het niet worden!

Nu even niet in ieder geval, want de projectie van een digitale klok op de schermen vertelt ons dat we twaalf minuten hebben om iets anders te gaan doen. Als gezegd: niets wordt aan het toeval overgelaten. Wanneer de precies 720 seconden voorbij zijn, krijgen we van dichtbij (want met point of view-camera vanaf Danny) paradoxaal genoeg de meer afstandelijke kant van Tool te zien in de vorm van een lange versie van Chocolate Chip Trip, beginnend met een ritmisch spel op de extreem grote gong die daarvoor speciaal door vier mensen het podium op gesjouwd wordt en waarbij de laatste volle klap me even doet vrezen dat ik en velen met mij nu toch echt met levenslange tinnitus naar huis gestuurd worden (het lijkt mee te vallen). Daarna ontwikkelt zich een schouwspel waarbij Danny aan knoppen van een modulaire synthesizer draait totdat de loop precies goed staat om met verdere drumuitspattingen een nauwelijks toegankelijke wereld te creëren.

De zwaar aangeslagen bas en gitaar, donderend als een droneversie van Black Sabbath, kondigen het volgende (echte) nummer aan. Met een duistere versie van Flood wordt weliswaar opnieuw Undertow aangedaan, maar niet met het voor de hand liggender Sober. Inmiddels is ook wel duidelijk dat Tool voor (in ieder geval voor de eerste optredens van) deze tour een lekker eigenwijze setlist kiest. Veel nummers van de wat relaxtere laatste plaat, terwijl misschien wel het meest impactvolle album Ænima nauwelijks aangekeken wordt. En dat is dus niet omdat men afstand neemt van de bozere, vroege tracks want de agressie ligt er bij dit Flood weer dik op: The ground is breaking down right under me is een prima manier om het gevoel te beschrijven. De confetti die inmiddels uit de lucht komt voelt dan ook vooral als (al dan niet cynisch) contrast.

Met Invincible laat de band weer een subtielere, gevoeliger kant van zichzelf horen wanneer Maynard smachtend, loepzuiver en soulvol over zacht gitaarspel en percussie zijn onzekerheid openbaart: Warrior … strugglin … to remain relevant. Over die relevantie zal bij weinig van de aanwezigen twijfel bestaan bij zoveel urgentie (en kippenvel) en je zou het hem bijna willen toeroepen. Nodig lijkt het niet want de drums worden heftiger en de gitaren zwaarder en vormen zo het geluid van de man die zichzelf overtuigt dat het er nog steeds meer dan inzit, waarna gitaarlijnen hoog overscheren, ongrijpbaar en ongenaakbaar als Tool zelf.  Rage, rage against the dying of the light!

Na de mededeling dat we het volgende nummer mogen filmen, behalve die twee eikels die al de hele set aan het filmen zijn (zijn woorden, niet de mijne), wordt de set afgesloten met een glorieuze uitvoering van het onverwoestbare Stinkfist. En ook daar lijkt goed over te zijn nagedacht, want deze “makkelijker (toegegeven dat is relatief bij een band als deze) track” blijkt de perfecte gids te zijn terug naar de gewone, niet betoverde, maar soms net zo donkere wereld: to breathe, to feel, to know I’m alive. Wie had dat gedacht? De afsluiter bewijst overigens ook het gelijk van Maynard in zijn afkeer van filmen in de zaal, want ook het oerwoud aan schermen voor de neus draagt bij aan de verbreking van de betovering. Een betovering die bijna twee uur geduurd heeft en die nog lang in mijn geheugen gegrift zal staan en die ik nog steeds probeer te doorgronden.

Tool: Ongrijpbaar, ongenaakbaar, magistraal.

Setlist:

Tool:

  1. Jambi
  2. Fear Inoculum
  3. Rosetta Stoned
  4. Pneuma
  5. Intolerance
  6. Descending
  7. The Grudge
  8. Chocolate Chip Trip
  9. Flood
  10. Invincible
  11. Stinkfist

Datum en locatie

27 mei 2024, Ziggo Dome, Amsterdam

Foto's:

Kitty van de Waart (website, Facebook en Instagram)

Links: