Shores of Null – The Loss of Beauty

Mijn hart maakt een vreugdesprongetje, de nieuwe Shores of Null staat in onze promlijst te wachten op een recensie. Laat ik deze band nu niet kennen, terwijl hij wel in het voorprogramma staat van Swallow The Sun en Draconian op 6 april 2022 (Doornroosje, Nijmegen) wat ik uiteraard niet wil missen. En hoe fijn is het wanneer je de muziek al kent, alvorens live te aanschouwen. Het maakt de ervaring vaak completer, want het geheel is eenvoudiger te volgen. Nu realiseer ik mij ook wel dat de Italianen live niet enkel zullen putten uit het hier te recenseren The Loss of Beauty, maar evengoed beschouw ik het als een voorsprong om nu kennis te maken. Reeds verschenen er op Zware Metalen recensies van de voorgaande albums Quiescence, Black Drapes For Tomorrow en Beyond The Shores (On Death And Dying)

Volgens de promo mogen we een album verwachten wat qua speeltempo net een tandje sneller is dan zijn voorgangers, maar nog steeds melancholisch en duister klinkt. Harmonische vocalen en diepe grunts in een jasje dat varieert van black/death metal tot doom/gothic. Dat zijn nogal wat uiteenlopende stijlen, is onze eerste gedachte. Dit werk is bijzonder aanbevelingswaardig voor fans van Enslaved, Amorphis en Paradise Lost. U begrijpt dat we er eens voor gaan zitten.

Met maar liefst 56 minuten was er kennelijk voldoende inspiratie voor The Loss of Beauty. Dat roept direct bij ons de vraag op of het album over de gehele linie voldoende interessant blijft. Zoals aangegeven horen we op dit album naast een diepe grunt ook zuivere vocalen. Dit doet de afwisseling op dat gebied in ieder geval goed. Het is lastig voor te stellen dat beide vocalen afkomstig zijn van Davide Straccione. Een heel fijn en warm timbre heeft zijn zuivere zang, in het bijzonder genietbaar wanneer er zich een melancholische gitaarlijn ontspint, zoals tijdens het einde van The Last Flower. Direct na het intro Transitory volgt Destination Woe wat in de basis niet een heel complex nummer lijkt, maar wel een instant oorwurm is door het luid gebrulde refrein. Bijzonder is het feit dat de zuivere zang zich niet enkel beperkt tot de wanhopige snik, maar meermaals op avontuur gaat. Zo kunnen we ook een krachtige zang en een vol klankenpalet horen dat wat meer richting de klassiek georiënteerde heavymetalzang gaat. Dit is onder andere goed hoorbaar op een nummer als Darkness Won’t Take Me. Zijn grunt daarentegen past dan weer meer in het doomdeathstraatje. Soms zit daar wel een wat scherper randje aan vast, waardoor we bijna richting black opschuiven. Het is dat het instrumentarium een constante stroom aan gothic- en doomimpulsen afgeeft om pure black te voorkomen. Bijzonder beklijvend is dan ook Nothing Left To Burn, waar tragische epiek in de trant van My Dying Bride tot uiting komt.

 
Het geheel blijft vrij stevig en solide klinken, zoals we ook hadden gehoopt. De drummer weet tijdig het tempo goed op te drijven. En onder invloed van de zeer melodische gitaarriffs is een intense luisterervaring gegarandeerd. En wat heerlijk dat deze band durft te experimenteren, bijvoorbeeld tijdens het einde van Old Scars. Een forse grunt met achterliggende schreeuwgrunt in combinatie met melancholisch gitaarwerk staat garant voor een interessant einde. We kunnen de oren daarna nauwelijks geloven als The First Son met klassieke instrumenten het tweede gedeelte van dit bijzondere album openbreekt. Het is niets minder dan een schitterend en ontroerend samenspel tussen viool en piano wat we te horen krijgen. Mooi idee om hiermee een live show te openen denken wij.

A Nature In Disguise trapt af met gruizig gitaarwerk om te vervolgen met melancholische heavy dark doom metal. We verzinnen dit ter plekke, maar er is hier geen andere duiding op zijn plaats. Na enkele stevige gruntpartijen die de zuivere zang completeren komen er daarna nog eens rasperige blackmetalkrijsen overheen. Dit nummer laat zich aanhoren als een verhaal op zich. Soms ongenuanceerd, maar wel goed bedacht laat Shores of Null hier zijn vele gezichten zien. Schitterend! Een nummer als My Darkest Years laat de ritmesectie er dan weer eens stevig op los hakken. Inmiddels laat het stemgeluid van Davide Straccione ons niet meer los, wat heeft deze man een groot bereik. Iedere noot klinkt als een schot rechtsreeks in het hart, wat vervolgens ook nog eens gaat bloeden door die prachtige melancholische uitwerking op gitaar.

Tot het einde toe blijven de Italianen consistent in datgene wat ze het beste uitvoeren, namelijk zeer gevarieerde metal laten horen die een breed scala aan genres kent. Genres die door vele bands zijn gepoogd te combineren of te versmelten, maar wat in veel gevallen toch niet helemaal goed uitpakt. We vinden het bijzonder knap dat het op The Loss of Beauty wel is gelukt. Het is zoals gezegd een album met vele gezichten, een ware kameleon, dat het beste laat horen van heavy, doom, dark, gothic, death en een snuifje black metal. De muzikanten van deze band spelen op het allerhoogste niveau en het is ongekend waartoe deze band in staat is. Vaak denken we toch echt wel alles gehoord te hebben, maar Shores of Null speelt met de psyche, de emoties, tart het lot en grijpt je stevig bij de strot. Zo nu en dan krijg je een aai over de bol om plotsklaps door elkaar gerammeld te worden. De ruimdenkende metalfan gaat dit werk zeer hoog waarderen, uw recensent van dienst natuurlijk ook. Het kan voor mij niet snel genoeg 6 april worden.

Score:

94/100

Label:

Spikerot Records, 2023

Tracklisting:

1. Transitory
2. Destination Woe
3. The Last Flower
4. Darkness Won’t Take Me
5. Nothing Left To Burn
6. Old Scars
7. The First Son
8. A Nature In Disguise
9. My Darkest Years
10. Fading As One
11. A New Death Is Born
12. Underwater Oddity
13. Blazing Sunlight

Line-up:

  • Davide Straccione – Vocalen
  • Gabriele Giaccari – Gitaren
  • Raffaele Colace – Gitaren
  • Matteo Capozucca – Basgitaar
  • Emiliano Cantiano – Drums

Links: