Predatory Void – Atoned In Metamorphosis

Drie jaar geleden was ik behoorlijk mee met de ondergang in lagen van duistere emoties die Seven Keys To The Discomfort Of Being heette. De plaat verontrustte en troostte in bijna gelijke mate, maar net niet helemaal zodat je je langzaam voelde wegzakken in verderf en de naam gevende leegte. Mooie reden om de band eens te aanschouwen bij het herfstige Soulcrusher-festival vorig jaar. En daar… lukte het voor mij niet.

Misschien was ik te kort binnen, misschien zaten de dagelijkse ergernissen (een parkeerplaats die als vol werd aangegeven maar dat niet bleek te zijn) nog te zeer in de weg? Hoe dan ook, de donkere reis bleef uit. De promotekst bij de nieuwe EP van de band biedt verduidelijking. Daarin lezen we namelijk: Predatory Void invites engagement, not escape, and demands to be met on it’s own terms, boldly. Nu, laten we dat dan eens even goed doen met de nieuwe EP Atoned In Metamorphosis. Dat ‘even’ kan de luisteraar voor zichzelf overigens vrij letterlijk nemen want de Belgen komen na drie jaar met niet meer (maar ook niet minder) dan 13:26 aan nieuwe muziek.

En dat het nieuwe muziek is, zal geweten zijn, want de band lijkt in de bijna 36 maanden die sinds het debuut verstreken zijn een behoorlijke ontwikkeling te hebben doorgemaakt. Nog steeds trekt de duisternis naar beneden, maar wel op een andere manier. Waar het totale gebrek aan hoop en de afschuw voor de mensheid eerder auditieve vorm kregen in woeste blackmetaldrums en -krijsen, horen we nu vooral meanderende gitaren en (bijna) grungy klaagzang. Op het eerste gehoor minder heftig misschien, maar de lijnen kruipen ijselijk langzaam millimeter voor millimeter onder je huid tot ze verstikken. Natuurlijk stond er met Seeds Of Frustration ook wat sfeervoller materiaal op het debuut, maar daar ging het vooral om weemoedig kabbelen. Op de EP worden juist wanhoop en ruimte aan elkaar gekoppeld en – in de juiste bui – komt dat hard aan. Laat je dus niet in de luren leggen door de blauwe lucht op de hoes van het werkje.

“I trust your hands to make me whole” herhaalt zangeres Lina als een mantra in deze indierocker, maar de aarzeling in de stem laat twijfel (of afkeer/verachting?) horen. In New Moon worden worden tremolo’s afgewisseld met dieper, bluesier snaarwerk, waarmee een band als Triptykon in beeld komt, maar dan wel met een zangeres die naar het einde toe volledig in het rood gaat als Julie Christmas op Mariner (met Cult Of Luna). En dat dan als post-black. Bent u er nog? Leuk dat droppen van die namen natuurlijk, maar Predatory Void staat stevig op eigen benen en had ik al gezegd dat men onder de huid kruipt? I return all the way home empty-handed snikt Lina en mijn hart snikt mee.

In Peeling Cycle zoekt de zang in de hogere regionen de grenzen van de zuiverheid op, maar dat lijkt “een bewussie”: technische perfectie is natuurlijk altijd ondergeschikt aan gevoel. Of zoals de band zelf zegt: The journey isn’t linear, and neither is the sound. Met Contemplation komt er al weer een eind aan de metamorfose. De kale drums en krakende stem aan het begin roepen weer herinneringen op aan het geluid van Seattle aan het begin van de jaren negentig, maar dan wel van net onder de oppervlakte (of heel misschien een klein beetje Bleach). Donkere rock dus, vol emotie, waarop later meeslepend melodieuze gitaarlijnen worden gelegd om tegenwicht te bieden aan de (in meer dan een zin) waanzinnige zang die steeds wanhopiger wordt tot de vrees zich aandient dat hoofdpersoon zich daadwerkelijk iets gaat aandoen.

En dan is het stil… Ik kijk even verdwaasd om me heen om me te realiseren waar ik ben. Gewoon in een kamer met daglicht waar niets aan de hand is. Ik was het even vergeten.

Label:

Pelagic Records, 2026

Tracklisting:

  1. Make Me Whole
  2. New Moon
  3. Peeling Cycle
  4. Contemplation In Time

Line-up:

  • Lina R – Vocalen
  • Lennart Bossu – Gitaar
  • Thijs Decloedt – Gitaar
  • Kris Auman – Bas, vocalen
  • Vincent Verstrepen – Drums

Links: