Waldgeflüster uit München is terug en ditmaal niet met één maar met twee platen. Ze kregen allebei Knochengesänge als titel mee maar werden voor de duidelijkheid ook nog eens genummerd. Helder! Het hoesontwerp dat je ziet is van het eerste deel, het opzoeken van het hoesontwerp van deel twee is voor één ieder van jullie waarschijnlijk gewoon kinderspel. De band rond Winterherz bestaat al sinds mensenheugenis of is zo oud als het woud dat fluistert. Ikzelf beluisterde enkele jaren geleden nog de meer dan geslaagde EP, Unter Bronzenen Kronen (2023). Daarvoor had je nog Dahoam (2021) en weer daarvoor nog een hele sloot andere releases waarvan Stimmen In Wind (2006) de eerste bleek te zijn. Ergens in 2020 voorzag de band ook hier een opgepoetste versie van.
Winterherz heeft rond zich een band weten verzamelen maar al te graag vraagt hij ook wat gastmuzikanten om de boel te komen opvrolijken. Zo lees ik dat Austin Lunn (Panopticon) en Albion (Eïs) ook van de partij zijn. Die eerste drumt zelfs een nummer mee, op deel II gaat het dan om de track The Little King And His Architect. Ook met deze releases of release als je de delen samenneemt, blijft Waldgeflüster dichtbij zijn eigen aard. Het toont opnieuw de connectie met de omgeving, de natuur en de emoties die dit allemaal losweekt. Meer in detail handelen deze twee delen op gelijkaardige wijze maar dan toch anders over sterven en het achterlaten van een bepaalde erfenis. Ik hoop maar één ding dat datgene wat collega Bok ooit schreef uitkomt. Hij noteerde immers dat dit Waldgeflüster soms maar kwantiteit dan kwaliteit levert. Of dat dan zo is daar komen we vanzelf achter.
Knochengesänge deel II is eigenlijk deel I maar dan anders. Klinkt dat gek? In principe niet als je het album zo doorluistert. Het gebruikt naar mijn aanvoelen dezelfde thema’s, hetzelfde DNA maar ontplooit en presenteert zich toch op een andere meer gevarieerde manier. Het is ingetogen, werd meer overgoten met tranen en herbergt een enorme melancholie in zich. Neem nu The Little King and his Architect. De klagende, kouwelijke vocalen wedijveren met de even koude gitaarpartijen die als gesmolten sneeuwvlokken naar beneden dwarrelen. Net wanneer je denkt dat dit deel II wat meer ingetogener zal worden gebracht snerpt er toch, weliswaar kortstondig, een gitaar doorheen de ijle lucht in Crusade In The Dark. Verderop de plaat krijg je nog a capella zang in The Parting Glass.
Als finale conclusie zou je kunnen stellen dat dit Duitse Waldgeflüster een bijzonder lijvig en prachtig werkstuk heeft afgeleverd. Knochengesänge deel I en II omhelzen zo maar eventjes bijna twee uur muziek. Je moet er dus wel even goed voor gaan zitten. In een oude schommelstoel voor de openhaard met zicht op de boomgaarden, weilanden in de verte en dit in putje winter. Pas dan komt binnen dat wanneer je sterft er maar weinigen zijn die zich jouw als individu en wat je hebt klaargespeeld tijdens je leven, zullen weten herinneren. Bestellen dit pareltje, fysiek!
Score:
90/100
Label:
AOP Records, 2025
Tracklisting:
- Krähenpsalme
- Bamberg, 20. Juni
- Der kleinste König und sein Architekt
- Von Hypnos und Thanatos
- Lethe – Der Fluch des Schaffenden
- Knochengesang
- The Parting Glass
- Das Klagelied der Krähen
- Frankfurt, 19. März
- The Little King and his Architect
- Crusade in the Dark
- In Lethes Fluten
- Singing of Bones
- The Parting Glass
Line-up:
- Winterherz – Zang, gitaar, bas, mandoline, keyboards
- Thomas Birkmaier – Drum
- Markus Frey – Gitaar
- Dominik Frank – Gitaar, zang
- Martin Schirmann – Bas
Links:




