Boss Keloid – Family The Smiling Thrush

Boss Keloid uit Wingan, VK is gekend voor ondoordringbare, moeilijk te verteren psychedeliche progressieve sludge. Deze Holy Roar-alumnus kwam in 2018 met Melted on The Inch op de proppen en vormde initieel een zware brok voor mij om te verwerken. Echter, na een paar luisterbeurten vielen de stukjes in elkaar en zo groeide Melted on The Inch voor mij zelfs uit tot beste album van 2018. Het ‘hard zijn om hard te zijn’ maakte plaats voor melodie en meer volwassen composities. Ook het geëxperimenteer met gitaarpedalen werd erg gesmaakt. Harde momenten waren er overigens nog veelvuldig, maar nu waren ze gekaderd en genuanceerd en daardoor kwamen ze beter tot hun recht. Melted On The Inch is een echte aanrader. Nu is Boss Keloid terug met een vierde plaat via Ripple Music. Schiet de band voor de vierde keer raak en kan het tippen aan de kracht die Melted On The Inch tentoonstelde?

Stilistisch gezien heeft deze Family The Smiling Thrush veel gelijkenissen met voorganger Melted on The Inch. Zo zijn de nummertitels volledig abstract. Of weet u misschien waar Orang of Noyn te vinden is op een kaart van ons zonnestelsel? Daarbuiten zet de band terug volop in op melodie, groteske composities – het eerste nummer tikt al over de negen minuten – en psychedelisch experiment met maatsoorten en gitaarpedalen. Orang of Noyn begint ingetogen met drie verschillende lijnen voor de twee gitaren en bas. Dit heeft als resultaat dat u als luisteraar even goed moet concentreren om te horen wat er precies aan de hand is en mogelijk het volume ook wat mag opvoeren. Na 45 seconden valt de zang op een schijnbaar willekeurige plek in terwijl de gitaarlijnen nog steeds weinig houvast bieden. Daarbovenop heeft de band het lef om daar nog zulk een vers aan te plakken en de luisteraar in het ongewisse te laten tot na twee minuten. Dan komen de instrumenten eindelijk samen en schept de epische stem van Alex Hurst orde in de chaos. Echt, wat een ongelofelijke strot is dit. Hij kan je evenzeer in slaap kan wiegen, als verhalen over kruistochten tegen regenboogkleurige draken vertellen of zelfs schreeuwen over een afdaling in de hel. Wat een fenomenale zanger is dit toch. Gelukkig hoeven de overige bandleden echt niet onder te doen want dit eerste nummer is doorspekt van de bizarre ritmes, octavers -een speciaal effect voor gitaar- en die typsiche folky tokkelstukjes. De outro van Orang of Noyn weigert de groove op te geven en varieert hier nog lustig op verder. Wat een waanzinnig nummer. U zal er wel moeite voor moeten doen, als een truffelzwijn dat moet wroeten voor het zwarte goud.

Als u tot hier bent geraakt beloont de band je met een makkelijker nummer, Gentle Clovis. Op deze komt de band meteen ter zake en kan u zelfs uw hoofd mee schudden zonder dat u bang moet zijn dat u fout zit. Natuurlijk zijn hier weer exotische maatsoorten, folky tokkels, en groteske zanglijnen aan de orde, maar het is al bij al toch een veel behapbaarder stukje. Smiling Thrush is ook een iets makkelijker nummer dat meteen invalt met het refrein. Daarbovenop is er een heus gospelachtig stuk in het begin waar je echt je best moet als je van classic rock houdt om niet volledig uit je dak te gaan. Hierna valt een loodzware sludgeriff in met op z’n minst vier verschillende maatsoorten. Het mag niet te makkelijk worden was duidelijk het devies. Echter zijn alle nummers op het album van dusdanige kwaliteit en stijl, dus missen kan je niet. Op afsluiter Flatt Controller deint de band uit in de outro en neemt een akoestische gitaar de hoofdmelodie van het nummer over in een fade-out. Op die manier blijf je met een positief en verfrist gevoel achter.

Family The Smiling Thrush is een enorm sterk album, maar het vraagt ook veel van de luisteraar om te doorgronden, meer nog dan Melted On The Inch. Als u niet bekend bent met de band zou ik Melted On The Inch eerst een paar keer de kans geven. Family The Smiling Thrush ligt echter in het verlengde van zijn voorganger. Ook qua productie is het album extreem sterk. De details in alle instrumenten zijn goed hoorbaar. De zang ligt hier echter nog boven in de mix als een heerlijke ganache op een sterk gekruide – u weet over welk kruid ik het heb, stoners – worteltaart. De harde riffs staan op de voorgrond, maar zijn niet overdadig. Er is namelijk genoeg ruimte gelaten voor de zachtere stukken om tot hun recht te komen. Ik ben enorm fan van dit album en deze band geworden. Omdat het wel lastig is om te doorgronden krijgt het daarom net iets minder punten dan de voorganger, maar verwacht zeker een mooie plaats in de jaarlijst voor deze.

Score:

87/100

Label:

Ripple Music, 2021

Tracklisting:

  1. Orang of Noyn
  2. Gentle Clovis
  3. Hats the Mandrill
  4. Smiling Thrush
  5. Cecil Succulent
  6. Grendle
  7. Flatt Controller

Line-up:

  • Paul Swarbrick – Gitaar
  • Alex Hurst – Gitaar, Zang
  • Ste Arands – Drums, Percussie
  • Matthew Milne – Keyboards
  • Liam Pendlebury-Green – Basgitaar

Links: