Dimmu Borgir – Grand Serpent Rising

Het Noorse duo Shagrath en Silenoz hebben blijkbaar nu steeds een periode van acht jaar nodig om een nieuw geesteskind te baren. Het is immers al geleden sinds 2018 dat de vorige plaat Eonian verscheen, met daarvoor Abrahadabra in 2010. Dat schept verwachtigen en uiteraard liggen die al hoog. Dit is toch wel de band die bekend staat als een van de grootste symfonische blackmetalbands ter wereld, ook al werd op de laatste plaat toch voornamelijk vooral heel wat symfonie gebracht en bleef het vuur wat uit.

Ik was al vergeten dat ik de vorige plaat besproken had, maar ik moet vaststellen dat ik de plaat in 2018 zelfs fenomenaal vond. Een typisch geval van mere-exposure-effect of was er echt iets mis met mijn oren in die periode, want het is me nog nooit voorgevallen dat ik een plaat nadien zo afgrijselijk vind. Niet dat mijn historische ik ongelijk bleek te hebben, want de plaat was toch nog terug te vinden in de top twintig in de jaarlijsten en dat zal zeker niet op basis van mijn redenaarstalent gebeurd zijn. In elk geval vind ik nu dus dat Eonian wel erg symfonisch en plakkerig was, met een theatraal gehalte dat toch wel te ver ging. Ik begon de alinea destijds ook met enige zelfkritiek door te stellen dat wie Abrahadabra niet krachtig genoeg vond, hier ook niets aan zou vinden.

Op die manier is Grand Serpent Rising een lichte stap terug naar het oude. Neen, je krijgt niet de diepgang en de kracht van weleer over je heen. As Seen in the Unseen laat bijvoorbeeld een band horen die wel wat nostalgische trekjes heeft, maar waar alle hevigheid wordt uitgemolken. De pianotoetsen en black metal van dit gezelschap heeft hier en daar nog wat vibes van een Satyricon ten tijde van Nemesis Divina, maar Dimmu Borgir weet eigenlijk nergens een waardige ontploffing aan te brengen en kan amper verrassen met krachtige uitbarstingen. Nummers als Ulvgjeld & Blodsodel, met zijn zekere nostalgische rauwheid, kan me hier en daar wel even meekrijgen en ook The Exonerated brengt daar even wat verandering in. De heren laten bij momenten dan toch nog zien dat er kracht in schuilt.

Wie van mystieke sfeertjes houdt, is bij deze Noren uiteraard ook steeds aan het goede adres. Misschien is het de naam van de plaat of de typische intro, maar hier en daar komen er wat Watain-referenties naar boven op deze nieuwkomer. Ascent spuwt op die manier ook wat gif, maar inhoudelijk kan het nergens tippen aan de Zweden. Op zijn Nergals gooit Shagrath op deze nieuwkomer hier en daar dan weer met wat enigmatische krachtlijnen in zijn vocalen. De epiek van de vorige plaat komt soms naar boven, zoals op Slik Minnes en Alkymist, dat eigenlijk erg vakkundig gebracht is, en met de knipoog naar het zeer oude werk van Dimmu Borgir is dit zonder meer mijn favoriet op deze nieuwkomer.

Toch zorgen die lichtpunten er niet voor dat je hier mag praten van een glansplaat. Een krachtige productie zorgt er nog niet voor dat je nummers hebt die je steeds bij de keel grijpen. Wanneer de band dat even doet, laat ze die kracht weer los of holt ze deze uit tot je eigenlijk met honger achterblijft. Ik vraag me af of ik binnen acht jaar dan ook weer met kritische woorden zal terugblikken naar deze momentopname, maar dit gevoel blijft op dit moment in elk geval hangen bij deze nieuwkomer. De jaarlijsten mogen me gerust tegenspreken.

Score:

70/100

Label:

Nuclear Blast, 2026

Tracklisting:

  1. Tridentium
  2. Ascent
  3. As Seen in the Unseen
  4. The Qryptfarer
  5. Ulvgjeld & Blodsodel
  6. Repository of Divine Transmutation
  7. Silk Minnes en Alkymist
  8. Phantom of the Nemesis
  9. The Exonerated
  10. Recognizant
  11. At the Precipice of Convergence
  12. Shadows of a Thousand Perceptions
  13. Gjǫll

Line-up:

  • Shagrath – Zang, synth
  • Silenoz – Gitaar
  • Daray – Drums

Links: