In Denemarken is er al jaren een antwoord op Deafheaven, namelijk MØL. Ook deze band combineert black metal met shoegaze en voegt daar een flinke dosis indie/alternative aan toe. De Denen bouwen gestaag aan hun carrière en weten daarbij hun geluid steeds verder uit te kristalliseren. Dat is aardig gelukt op hun onlangs verschenen derde plaat Dreamcrush. Ter ere van die plaat toert de band nu door Europa. Op een milde winteravond doet men ook de Effenaar aan. Friso Veltkamp doet verslag.

De avond begint met Cold Night For Alligators. Merkwaardige bandnaam, maar daar staan we tegenwoordig niet meer zo van te kijken. Van een mix tussen djent, nu-metal, alternative en aalgladde pop ook niet meer. Want zo kun je deze muziek het beste omschrijven. Dat laatste komt vooral op conto van zanger Johan Pedersen, het grootste ‘selling point’ van deze band. Hij zingt alsof hij auditie doet bij The Voice. Het is zuiver, glad, maar vooral heel erg goed. Hij weet emotie over te brengen in zijn zanglijnen en die lijkt gemeend. Zijn geluid ligt ergens tussen Brendon Urie (Panic! At The Disco) en Spencer Soleto (Periphery). Dat niveau haalt hij misschien niet, maar deze man kan wel zingen.
Net als dat de band kan spelen, alleen hoor je dat dan weer wat minder, want het geluid is vanavond ontzettend kut bij Cold Night For Alligators. Het gitaargeluid staat te zacht, de drums te hard… het is een brei. Dat is jammer, zeker omdat de band krijgt maar een half uur toebedeeld krijgt. Daarin maakt A Cold Night For Alligators een deels geslaagde indruk. Ik snap dat je als voorprogramma niet alles mee kan nemen en maar beperkte middelen hebt, maar er komt vanavond wel erg veel van tape. Piano’s , samples en andere geluiden. De vraag is of het dan veel toevoegt, want het geluid dat van tape afkomt klinkt ook een beetje gammel.
De Denen staan best oprecht en enthousiast te spelen en bij een nummer als Nostalgic komen djent en nu-metal goed samen. Bij andere nummers lijkt het erop dat er te veel ideeën in één nummer verwerkt worden waardoor het als een ratjetoe begint te klinken. Wellicht iets meer focus op wat wel en niet werkt? Maar goed, ik denk best dat deze band muziek maakt die op dit moment een groot bereik kan krijgen. Met hun mix van Sleep Token en Periphery is dit heel erg een band van nu. Volgende keer graag met een beter geluid.
De band bestaat uit drie man en zij spelen volgens eigen zeggen een soort dance/industrial pop. Gelijkenissen met Health doemen dan al snel op. Maar waar die band uitblinkt in mooie nummers en vernuftige songschrijverij, daar is Tayne vooral heel veel geschreeuw en geen wol. En wordt er eens niet geschreeuwd, dan wordt er wel vals gezongen. Van die zeurderige, hese lijnen die normaliter prima op lichte industrial kunnen worden toegepast, maar bij Tayne gewoon niet werken.
Het beukt een eind weg en hoe verder we in de set komen, hoe meer andere invloeden in de muziek sluipen. Soms werkt dat wat beter, bijvoorbeeld wanneer een riff repetitief wordt gespeeld en de band daar ook langzaam los in gaat. Maar heel veel beter wordt het allemaal niet. Hoe bevlogen de band ook zijn nummers de zaal in slingert, het heeft te weinig om het lijf.
‘We doen nog een paar nummers,‘ roept zanger op een gegeven moment. Naast me verzucht een niet nader te noemen Zware Metalen collega ‘is goed, Temu-Health’. Ik denk dat dat het wel perfect samenvat.

Het is oneerlijk om deze band continu te vergelijken met Deafheaven, maar ook bij MØL is de zanger het middelpunt. Hij trekt de aandacht naar zich toe met allerlei theatrale bewegingen en uitbundig geschreeuw en is overal op podium te vinden, al dan niet allerlei capriolen uithalend met zijn microfoonstandaard. Heel veel zie je daar nou ook weer niet van, want er is veel licht en rook op het podium. De ene keer , zoals bij opener Hud, kleurt het podium diep paars, de andere keer is het hele podium groen verlicht. Door de rook zie je enkel silhouetten, wat natuurlijk gelijk een overeenkomst is met black metal. Net als de screams van Kim Song, die vandaag vrij diep en hoog klinken. In dat opzicht is het jammer dat het geluid in de eerste paar nummers wat gecomprimeerd klinkt en de bas nogal digitaal overkomt.
Daar is ook een logische verklaring voor: er is geen live bassist. MØL staat vandaag met zijn vieren op het podium. Dat is op zich niet erg, het gemis aan een bas kun je nog wel opvangen, maar het helpt niet dat het gitaarapparatuur van Nicolai tijdens (het nieuwe nummer) Garland nogal hapert. Sterker nog, de show wordt even stilgelegd. Zanger Kim Song kan de boel ook niet meer redden. Na het voorstellen van de bandleden en wat woorden over de nieuwe plaat weet hij het ook niet meer waar hij het over moet hebben. Mensen beginnen daarom maar voorzichtig met elkaar praten en het gebeuren haalt natuurlijk de vaart en schwung uit de show.
Nicolai probeert het een paar keer en krijgt uiteindelijk wel weer geluid uit zijn gitaar, maar lijkt weinig zin meer te hebben in het resterende gedeelte van de show. Kim Song legt bemoedigend nog zijn hand op de schouder van Nicolai, maar die maakt het resterende gedeelte van de set zichtbaar gefrustreerd af, met zijn rug naar het publiek. Enerzijds natuurlijk begrijpelijk, anderzijds ook jammer, want de rest van de band stort zich vol overgave op uitstekende nummers als Young en Crush. Ook gitarist Frederik verdient hierbij een vermelding. Hij loopt veel mee te schreeuwen en is vrijwel continu staand op de luidsprekers te vinden. De sfeer wil echter niet helemaal terugkomen. Althans, bij mij niet. Er zijn nog steeds veel mensen in het publiek die het voor lief nemen en genieten van de muziek. Misschien dat de band het later nog maar eens over moet doen, want een vette show vol overtuiging weggeven kan men absoluut!
Datum en locatie
11 februari 2026, Effenaar, Eindhoven
Link:


