Lord Belial – Angelgrinder

Lord Belial – Angelgrinder

Eindelijk weer eens een nieuwe plaat van Lord Belial!
De kloterij van reviewen als gewone fan is natuurlijk dat je de CD pas krijgt bij de officiële release en niet een maand of drie vooraf, net als de meeste professionele recensenten. Maar kom, dit terzijde. Feit is natuurlijk wel dat deze plaat al een eindje in de rekken ligt.


Toen Lord Belial hun debuut “Kiss the Goat” uitbracht heeft die plaat menig keer zijn rondjes gedraaid in ons repititiehok. Ik herinner me nog dat onze bassist compleet weg was van die plaat. Zelf vond ik het nogal op Dissection lijken (maar dan een klasse minder), maar toch kon ik de plaat best waarderen. Opvolger “Enter the Moonlight Gate” was een grote sprong voorwaarts op alle vlakken. Ook al waren er nog wat Dissection-invloeden te bespeuren, de eigen sound was op komst. Meest tot de verbeelding sprekend nummer van die plaat was het magistrale “The Realm of a Thousand Burning Souls part I”, een dijk van een song die gedragen werd door riffs die hier en daar wat richting oude thrash gingen. Dat de band zelf ook die mening was toegedaan toonden ze op hun derde langspeler “Unholy Crusade” waarop ze lustig verder experimenteerden met die meer riff-gerichte sound. Een experiment wat ik persoonlijk als bijzonder geslaagd heb ervaren. Hoogtepunt was hier het tweede deel van bovengenoemde song. Het was tevens de eerste plaat die ze opnamen in de Los Angered Studio van King Diamond-gitarist Andy LaRoque. Daarna bleef het drie jaar stil… tot nu!


Toen ik “Angelgrinder” voor het eerst opzette dacht ik:”Jezus, wat een kutsound!” Enkele ogenblikken later merkte ik echter dat die kutsound vooral aan mijn eigen stokoude stereo leek te ontspruiten. Na het ding welgemikt uit het raam te hebben gekeild heb ik ‘em dan maar beluisterd over mijn pc. Een verademing zo bleek, want de nieuwe CD van deze Zweden is gezegend met een kristalhelder geluid. Voor sommigen misschien iets te gepolijst, voor anderen zal het dan weer leiden tot nooit geziene hoogtepunten (wat die ook mogen zijn).


De muziek dan, die is op zich niet wezenlijk veranderd ten opzichte van de vorige plaat, al kan misschien gezegd worden dat men hier en daar wat meer aandacht heeft besteed aan de gitaarmelodieën. Iets wat vooral in de meer slepende songs tot uiting komt. Overigens vind ik dat geen minpunt, want persoonlijk ga ik iets meer uit mijn dak bij dat soort Lord Belial-songs (maar dat is kwestie van smaak natuurlijk). Luister maar eens naar “Unrelenting Scourge of War”: sfeervolle opbouwende riffs, interessante gitaarmelodieën, een fluit in het middenstuk, een mooi akoestisch deel,… Kortom een afwisselende compositie.
Voor de liefhebbers van de extremere fans is er echter niks verloren. Het overgrote deel van de plaat bestaat nog steeds uit snelle, afwisselende songs met als uitschieter (voor mij althans) “Burn the Kingdom of Christ”. De blastbeats en vingervlugge gitaarloopjes vliegen je om de oren.


Lord Belial - Angelgrinder
Verder dien ik natuurlijk nog te vermelden dat het derde nummer “Satan Divine” ook al op de debuut-Cd stond en dat één nummer de plaat niet heeft gehaald. Dat nummer – “Purify Sweden” is weggelaten omwille van de titel. Sommigen minder intelligente lieden zouden het nummer als extreem-rechts kunnen interpreteren vond de platenmaatschappij. Uiteraard wil men Zweden enkel zuiveren van het Christendom en gelijk hebben ze. Natuurlijk is het nummer al sinds de release als mp3 te vinden op het net, maar de internetloze fans mogen op hun twee oren slapen: het nummer komt vooralsnog uit op een later dit jaar te verschijnen 7inch en op mini-cd samen met een handvol andere songs.


Concluderend zou je kunnen stellen dat Lord Belial erin geslaagd is binnen zijn eigen sound (want die hebben ze ondertussen) een afwisselende plaat te maken die weliswaar geen verrassingen biedt, maar wel kwaliteit aflevert zoals men dat binnen het black/death-genre nog maar weinig tegenkomt. Hopelijk duurt het weer geen drie jaar tot aan de volgende CD.


Oja, in Aardschok schrijft R. Veerkamp dat Lord Belial een band is met drie gitaristen. Ik heb het CD-boekje grondig uitgepluisd, maar die derde gitarist heb ik toch niet gevonden. Wel blijken er zowaar drie broers in de band te spelen, iets wat eerder niet duidelijk was door het gebruik van pseudoniemen, doch dit geheel terzijde.