Alkaloid – Bach Out Of Bounds

“To Bach or not to Bach?” dat was de vraag op 29 juni 2024. Ik had Alkaloid – een van mijn favoriete progressieve deathmetalbands – al veel te lang niet meer live zien spelen, maar ik luister eigenlijk nooit naar klassieke muziek. Wat dat laatste er nu weer mee te maken heeft? Nou, die avond zouden de Duitse deathmetallers het Bachfestival in Dordrecht afsluiten… Het optreden had dan ook de ondertitel “The Baroque Origins of Progressive Death Metal”. Ach, soms moet je het nieuwe niet uit de weg gaan en vaak levert dat dan juist een bijzondere ervaring op. Ah, dat is een prima motto voor het luisteren naar deze plaat!

Het begon al bij bij binnenkomst in de (of is het het?) fraaie Bibelot. Ik heb in ieder geval toch niet vaak meegemaakt dat bij het binnenlopen van een concertzaal ernstig klassieke muziek over de boxen wordt gespeeld. Daarbij was er ongeveer een gelijke verdeling tussen zwarte shirts met bandnamen en keurige uitgaanstenues (met het programma van het Bachfestival in de handen). Achter me hoorde ik nog een metalhead wat mopperen dat hij tevoren niet wist dat Alkaloid vandaag met een klassiek ensemble zou spelen. Lees die interviews mensen! Laatste bijzonderheid voor de doorgewinterde metalhead: de avond werd geopend met een heus welkomstwoord van de organisatie van het Bachfestival, met veel bedankjes en het voorstellen van de nieuwe directie. Toch mooi dat dit optreden als volwaardig en zelfs afsluitend onderdeel van een dergelijk festival van hoge cultuur geafficheerd was. Daar zullen best wat mensen hun nek voor uitgestoken moeten hebben… Het resultaat mag er echter zijn, want de metalfanaten én de Bachliefhebbers waren die avond deel van een optreden waarin de beide werelden volledig recht werden gedaan in zowel kracht als frivoliteit en genialiteit. Wel heel veel moeite voor een optreden zegt u? Zeker en daarom zijn er daarna nog een aantal (min of meer) vergelijkbare shows gespeeld. Zo ook in het Paard in Den Haag. Dit Bach Out Of Bounds bevat opnamen van die twee optredens en verschijnt nu via Season Of Mist op diverse geluidsdragers.

En dat is maar goed ook want er gebeurde veel te veel om alles op de avond zelf ineens op te merken laat staan op te slaan. Zelfs nu, nadat ik de promo een aantal keer heb beluisterd, zijn er nog momenten op de plaat die een lichte hoofdpijn geven. Het is namelijk een hele uitdaging om band en ensemble te volgen naar de uithoeken van de muzikale (en tekstuele) universums die worden aangedaan. Wanneer dat lukt, bevind je je in een sonische bubbel die je langs nooit eerder geziene vergezichten leidt als zat je vast in Lovecrafts droomcyclus. Soms pijnlijk, vaak drukkend, dan weer verheffend, maar altijd indrukwekkend.

Zanger Morean gaf in het interview al aan dat het zeker niet de bedoeling van de commissie was om de gekende metal van de band te ondersteunen met wat extra symfonische druk. De combinatie van de genres moest eigenlijk al in de noten zelf, en meer nog in de muzikale ideeën zelf zitten. En dat is precies wat er bij de shows gebeurde. Daarmee gaat Morean muziektheoretisch uiteraard vele malen verder dan (bijna?) alle andere metalbands. Maar het moet natuurlijk wel beluisterbaar blijven. Alleen verbijstering is immers niet genoeg om de luisteraar te binden. Goed nieuws: zowel voor de zwaar onderlegde muzikant als degene die die kennis ontbeert maar graag goede muziek luistert is er veel te halen.

De plaat opent met twee stukken van Bach, waar – als ik me goed herinner – op de avond zelf al vrij vroeg het eigen nummer Kernel Panic werd gespeeld. Ook overigens wordt afstand genomen van de setlist in Dordrecht. Zo vinden we het vriendelijk getitelde, maar magistrale Clusterfuck met zijn verslavende refrein, aansprekende vioolsolo en jazzy gitaarpartijen niet terug op Bach Out Of Bounds. Met Allegro (BMV 1052-I) en Adagio – All is Vanity (BMV 1052-II) wordt eerst meer dan vijftien minuten Bach gebracht. Op eigen wijze – en elektrischer – gearrangeerd door Morean die zelf ook (modern) klassiek componist is en dus om een boodschap gestuurd kan worden. Mooie barokke gitaarlijnen laten horen dat de werelden inderdaad niet zover van elkaar staan, zeker wanneer Hannes Grossmann weliswaar ingehouden, maar toch zwaar zijn drums eronder legt. Waar de verhalende gitaarleads de luisteraar meenemen wrikt de slaggitaar eronder en legt ook de bas zijn eigen notenpakket neer precies daar waar de ruimte ligt. De shredpartij wanneer alle andere instrumenten stilhouden is vingerbrekend knap en wel heel metal, zo vlak voor het klassieke ensemble overneemt en Bach herovert. In Adagio – All Is Vanity voeren de sopranen en de accordeon van Marieke Hopman de boventoon, maar dan wel ondergraven/ondersteund door de (bijna) vrije jazznoten van de wel zeer getalenteerde Linus Klausenitzer die eens heerlijk los mag gaan op zijn bas.

Met Beneath The Sea komen we aan een nummer dat Morean zelf geschreven heeft. Het sleept en sleurt en vertelt ons, zoals Lovecraft dat eerder deed, dat er diep onder de zee iets is dat niet dood is maar droomt. Hier laat de componist de sopranen tot het uiterste gaan in semi-grunts zodat de genres opnieuw dichterbij komen. Hoezeer dat ook het geval mag zijn, vooralsnog geniet ik toch het meest van de uitvoeringen van songs afkomstig van de albums van Alkaloid. Cue Cthulhu dat het zware slepende geluid van Beneath The Sea voortzet, maar met de stevige grunt net even dieper in de zeebodem graaft. En wat blijven die korte gitaarlijntjes toch lekker kriebelen.

Waar ik net gezegd heb dat de albumtracks me het meest bevallen, maak ik graag een uitzondering voor Haunter Of The Void, een tien minuten durend meesterwerk dat Morean speciaal voor de show in Dordrecht schreef. Het zal dan ook niet verbazen dat het ensemble en de band hier het meest één zijn. Sopranen en Morean zingen elkaar toe in een verhaal over ondenkbare eenzaamheid en (on)sterfelijkheid. Het toezingen maakt de verwijzing in de promotekst Trans-Siberian Orchestra te begrijpen, maar hier lijken de vocalen soms toch meer ingezet te worden als extra instrument dan enkel als vertellers. De bas en strijkers spelen tegen elkaar in tot de gitaren de boel bijeenbrengen en recht vooruit sturen de onmetelijke ruimte in ver voorbij Voyager I en II. Soms door het niets en soms door gordels van gesteenten. In die drukkere passages mogen de gitaristen hun klasse laten horen en die bezitten zij zat. In de studio is dit al niet makkelijk te spelen, maar live… In het gitaarwerk in het middenstuk van A Fool’s Desire horen we nog maar eens dat zelfs hardrock soms niet zover wegstaat van death metal.

Na een rustig en getrouw Agnus Dei, pompen artiesten en publiek de energie nog een keer naar grote hoogten voor het afsluitende The Fungi From Yuggoth. Ik kan mij herinneren dat op de avond zelf de zangeressen – die hier vocaal geen rol hebben – hard meedansten op de heerlijke Where The Slime Live-beukriffs. En dat is ook precies waar deze track om vraagt. De mooie mix van Hannes Grossmann laat horen dat de strijkers lekker om de van regels verloste gitaren heen spelen en dus weer een extra laag aanbrengen. Even later worden zij vooral ingezet om de boel al piepend en knarsend te ontregelen en de meer metalen instrumenten zo op te fokken dat zij woest overnemen.

Deze vraagt zowel van de metalhead als van de klassieke luisteraar wat inspanning: de eerste wordt vooral aan het begin getest op ruimdenkendheid, van de laatste wordt vermoedelijk echter meer gevraagd door de af en toe razende drums en de stevige grunts, maar als die inspanning geleverd wordt, dan krijg je daar heel veel moois voor terug. Wat een verbluffend staaltje muzikaliteit. Ik duik er nog maar eens in!

Label:

Season Of Mist, 2025

Tracklisting:

  1. Allegro (BMV 1052-I)
  2. Adagio – All Is Vanity
  3. Beneath the Sea
  4. Cthulhu
  5. Haunter of the Void
  6. A Fool’s Desire
  7. Agnus Dei
  8. The Fungi From Yuggoth

Line-up:

  • Morean – Vocalen, gitaar
  • Hannes Grossmann – Drums
  • Linus Klausenitzer – Basgitaar
  • Justin Hombach – Gitaar
  • Max Blok – Gitaar
  • Rianne Wilbers – Soprano
  • Chrysa Tsaltampasi – Soprano
  • Julija Hartig – Viool
  • Oene van Geel – Viool
  • Marieke Hopman – Accordeon
  • Ketevan Roinishvili – Cello
  • Voornaam Achternaam – Zang, Gitaar

Links: