De NWOBH-veteranen van Pagan Altar draaien al flink wat jaartjes mee. De eerste demo verscheen al in 1982. Sinds die tijd heeft de band flink wat bandleden versleten. Volgens de metaalarchieven, hebben er maar liefst 23 mensen in de band gespeeld. En dan reken ik de huidige leden nog niet eens mee. De meest prominente leden zijn misschien wel Terry Jones en diens zoon Alan Jones. Terry Jones overleed helaas in 2015 aan de gevolgen van kanker. Gelukkig zijn er vijf full-length albums waar zijn stem op te horen is. Eén daarvan is het in 2004 verschenen Lords of Hypocrisy. Nu, ruim twintig jaar later, verschijnt hier een fraaie heruitgave van. Hoog tijd om deze plaat van een nieuwe luisterbeurt te voorzien dus!
Het eerste nummer van de plaat is het titelnummer, Lords of Hypocrisy dus. Het opent met een omineuze orgelklank, waar de kenmerkende stem van Terry Jones als een gepassioneerde tovenaar overheen zweeft. De riff en de solo’s lijken recht uit de jaren ’80 te zijn gerukt. De kruisbestuiving door de genregenoten van Witchfinder General is duidelijk te proeven. Alleen gooien de heren van Pagan Altar wat meer swing in de mix. De vocalen zijn, net als bij de voornoemde band, niet voor iedereen weggelegd. Voor mij voegen ze in ieder geval echt iets toe aan het fantasy-gevoel dat deze band oproept. Het is de ultieme match tussen de muziek en de fraaie (nieuwe) albumhoes. De tweede track van de plaat draagt de titel Satan’s Henchmen. Het is een nummer dat maar liefst een derde van zijn tijd besteed aan de intro. Dat is in mijn optiek qua verhouding wat aan de lange kant.
Sentinels of Hate is erg atmosferisch; met minimaal instrumentgebruik en een zware nadruk op de verhalende zangprestatie van Terry Jones. Het nummer is een aanklacht tegen de klassenstrijd, waarbij de bloeddorstige en haatdragende heersers worden vereeuwigd in tombes en monumenten, terwijl het voetvolk dat namens hen ten strijde trok wegrot in ongemarkeerde afbrokkelende graven. Een welbekend thema dat ook door Pagan Altar met het nodige gevoel voor drama ten gehore wordt gebracht.
Het is haast een metaltraditie om een nummer te wijden aan het einde der tijden. Ook Pagan Altar doet een duit in het zakje en wel op het langste nummer van de plaat: Armageddon. Het nummer gaat over een allesvernietigende kernoorlog. In tien minuten wordt er vlijtig gestrooid met schurende gitaarlicks en rollende drumfills. De heren nemen goed te tijd om ons in vervoering te brengen met hun muzikale vaardigheden. Armageddon is daarmee zonder twijfel een van de hoogtepunten van het album. Het daaropvolgende The Interlude beschrijft de resultaten van de kernoorlog uit Armageddon. Het is een nummer waarin er wordt geprobeerd om een bedrukkende en deprimerende sfeer weg te zetten. Dit lukt wel aardig, maar in vergelijking tot de voorgaande tracks, zal het snel in de vergetelheid belanden.
Het daaropvolgende The Masquerade klinkt wat gezapiger. De gitaren klinken wat meer ingetogen en ook de vocalen zijn minder uitgesproken. Gelukkig is er op het einde van het album ook wat tijd voor gekkigheid. The Devil Came Down To Brockley is namelijk een vrolijke banjo-solo in de strekking van de bijna gelijknamige klassieker The Devil Went Down To Georgia.
Het album sluit af met March of the Dead. Het nummer opent met een percussiestuk dat klinkt als een legertrom. Na ongeveer een minuut barst dit drumgeweld open in een soort psychedelische koortsdroom. Het linkt als het liefdeskind tussen Uriah Heep en Pentagram. De energie uit het begin van het album is helemaal terug. Je gaat je er bijna van afvragen waarom Pagan Altar er voor heeft gekozen om halverwege het album opeens een andere koers te varen.
Lords of Hypocrisy is een desalniettemin een prima album dat het zeker verdient om een heruitgave te krijgen. Aanrader voor de liefhebber!
Label:
Dying Victim Productions, 2025
Tracklisting:
- The Lords of Hypocrisy
- Satan’s Henchmen
- Sentinels of Hate
- Armageddon
- The Interlude
- The Aftermath
- The Masquerade
- The Devil Came Down to Brockley
- March of the Dead
Line-up:
- Terry Jones – Vocalen
- Alan Jones – Vocalen, Gitaar, Banjo
- Trevor Portch – Bassgitaar
- Mark Elliot – Drums
Links:




