Als de warme zomermaanden met hun openluchtfestivals langzaam achter ons verdwijnen, is er altijd één festival dat de overgang naar de herfst het best begeleidt: Soulcrusher. Het tweedaagse Nijmeegse evenement heeft al jaren een neus voor kwaliteit op het gebied van extreme metal. Dit jaar markeert alweer de negende editie, waarbij de organisatie weer de nodige bekende namen heeft geboekt, maar zoals altijd ook wat parels uit de underground. Voor de vierde keer op rij doen Friso (tekst) en Ruth (foto’s) verslag. Dag 1 was er een met energetische dwarsheid.
Lees ook het verslag van dag 2.

Soulcrusher is niet uitverkocht, dit in tegenstelling tot bijvoorbeeld vorig jaar. Waar dat aan ligt is lastig te zeggen. Aan de line-up in ieder geval niet, die is gevarieerder en beter dan vorig jaar, waarbij de organisatie met Warning, Nails, Gaerea en Ultha enkele grote namen heeft weten te strikken. Helaas moest Yob verstek laten gaan en worden vervangen door Conan. Voor de rest is er weinig veranderd. Ik zou mijn inleidende alinea van vorig jaar zo over kunnen nemen: rode en blauwe zaal, een speciaal bier bar die het hele weekend druk bezocht blijft (zelfs de 15 euro bieren verkopen goed) en vooral: veel gezelligheid binnen en buiten Doornroosje. Soms moet je ook niet te veel sleutelen aan een goede formule.
Als Mourir begint, valt er alvast genoeg te zien. Zo staat er een opvallende microfoonstandaard met twee microfoons en bespeelt bassist Théophile zijn gigantische basgitaar met strijkstokken. Op de achtergrond worden ondertussen allerlei sfeerbeelden getoond van bossen en andere natuurlandschappen. De band zet sowieso sterk in op sfeer, wat muzikaal tot uiting komt wanneer het tempo wordt teruggeschroefd en melancholieke passages de ruimte krijgen.
Toch maken de breaks en onverwachte wendingen de muziek bij vlagen behoorlijk dwars en eigenzinnig. Het is in dat opzicht mooi om te zien dat de band dit voor een volle zaal mag brengen, die geboeid blijft kijken. Het is niet de meest makkelijke muziek, maar is bij vlagen wel slepend, zeker hoe verder in de set de band komt. Ook de sfeerbeelden veranderen mee en worden gaandeweg kleurrijker.
Toch blijft het die dwarse aanpak die me soms uit de muziek haalt. Zit je net lekker in de flow, gooit de band er ineens jazzy-invloeden en onregelmatige maatsoorten tegenaan. Op zulke momenten dreigt Mourir mij kwijt te raken, maar gelukkig word ik weer bij de les gesleept door woeste uitbarstingen. En dat tekent de band: wie is blijven staan wordt ook beloond want het mooiste nummer wordt bewaard voor het laatst. Fuck me wat een episch geweld, met de beste gitaarlijnen van de dag. Mourir legt de lat hoog.

Dystopia maakt er een gezellige boel van op het podium. Mede-Zware Metalenredacteur Niels merkt op dat het het wel iets wegheeft van een Phillips Hue show. Daar valt wat voor te zeggen, met alle lampjes die het podium geel kleuren. Daarnaast heeft de band ook nog eens een trompettist in de gelederen. Het geheel zorgt daardoor voor een bijna middeleeuwse sfeer, waarin de verhalen van Dystopia tot leven komen.
De band weet veel melodie in zijn blackmetalsound te verwerken, al sijpelen er ook nog pagan invloeden doorheen. Het zijn echter niet de hevige stukken die overtuigen, maar juist de sfeervolle rustige stukken die het publiek er bij ouden. Wellicht heeft dat ook te maken met dat te nadrukkelijk aanwezige drumgeluid, vooral de toms en kick komen te veel naar voren. Desondanks is het wel goed vertoeven bij Dystopia, dat bovendien een stijl vertegenwoordigt die niet we op dit festival niet vaak tegenkomen.

Zou rood dit weekend de meest gebruikte kleur qua podiumverlichting zijn? Bianca kiest er in ieder geval wel voor. Ook deze Italiaanse band speelt met dynamiek, iets dat uitstekend samengaat met de veelzijdige zang van frontvrouw β, die een palet aan klanken heeft: de ene keer mooi clean, de andere keer venijnig krijsend, waarbij ze de microfoon op een zelfde manier vasthoudt als Dani Filth. Daar houdt de vergelijking niet helemaal op, ook qua klank zijn er soms raakvlakken..
Haar verschijning is aimabel en fascinerend, mede dankzij de mysterieuze band die ze om haar hoofd draagt. Uiteindelijk gaat het natuurlijk om haar klank en de muziek en daarin weet ze te overtuigen, haar cleane zang is bij vlagen wel te vergelijken met de stem van Julie Christmas. Het contrast tussen zang en riffs is soms zo groot dat je ene kant van de zaal mensen ziet headbangen terwijl aan de andere kant mensen met hun ogen dicht staan te genieten. Het kan dus allebei. En niet onbelangrijk; beide kanten van de muziek komen overtuigend uit de verf, zoals in Somniloquies, waar overtuigende black metal wordt gespeeld, terwijl er op een ader moment tegen doom aanleunende partijen voorbijkomen.
Het is een overtuigend optreden waarbij er, afgezien van wat handbewegingen van de gitarist, niet gecommuniceerd wordt met het publiek. Dat is ook niet zo erg, de sfeer zegt vandaag genoeg. Van rustiek tot onheilspellend: Bianca weet de verschillende sferen fraai neer te zetten.

Zo, even gas erop met Rotten Sound. Deze Finnen laten er geen misverstand over bestaan wat het doel is. Wat een enorme hoeveelheid teringherrie weet deze band te produceren, en dat met drie man. Met een spervuur aan precisiebombardementen bestoken zij het publiek, afgewisseld met grooves die bijna aanvoelen als een warm bad. Zo lijkt nieuwe drummer Ukri zich daar prima bij te voelen. Hij zit erbij alsof hij een Teams-meeting over het archiveren van bestemmingsplannen moet leiden.
Zei ik eerder bij Dystopia dat die stijl niet zoveel staat op Soulcrusher? Welnu, dat geldt ook wel voor Rotten Sound. De grindcore is wel even fijn tussen al het overige zwaar geschut. Daarnaast is de zang van Keijo nog verstaanbaar ook. Wat wel achterwege had mogen blijven, is de ‘grap’ over de Napalm Death-cover Suffer. Dat doet Opeth ook al. Niet echt een band om in zelfde zin mee genoemd te worden.
Rotten Sound stopt natuurlijk veel eerder dan verwacht, want deze muziek gaat ook om effect, en na een half uur is dat meer dan genoeg en het effect bereikt: we zijn allemaal weer even wakker geschud door de vermorzelcore van dit drietal.

Na snel wat gegeten te hebben en mijn witte shirt compleet onder de Mexicaanse saus te hebben besmeurd, kan ik nog snel een paar nummers van Partristic meepakken. Ik had net zo goed rustig kunnen doen met mijn saus, want de brij op mijn shirt lijkt nog beter te definiëren dan de op Behemoth-geschoolde metal van deze band. Alles is theatraal aangezet, maar ik heb geen idee wat er gezegd wordt. Ik heb überhaupt geen idee wat de band doet: het is een grote brij aan lawaai. Zou dat verklaren waarom er voor elk nummer uitgebreid de tijd wordt genomen voordat het losbarst? Ik ga even een rondje merchandise doen in ieder geval.

Eén van de optredens waar ik vandaag naar uitkijk, is dat van het binnen de Zware Metalengemeenschap alom geliefde Misþyrming uit IJsland. Met enkele puike platen op zak heeft de band iets recht te zetten. Drie jaar geleden stond het gezelschap namelijk ook op Soulcrusher, waarbij het optreden een beetje in de bloedsoep viel vanwege gitaarproblemen. Spoiler alert: die zijn er vandaag niet.
Gelukkig maar, want zo kunnen we een uur lang ongestuurd genieten van het fraais dat deze IJslanders te bieden hebben. Dat er iets recht te zetten valt, lijkt ook frontman Dagur te willen uitdragen. Vastberaden loopt hij het podium op en trapt verbeten op zijn pedal board, alsof hij een startschot geeft. De band schiet direct uit de startblokken. Snijdende gitaarlijnen, verbeten zang, het podium rood verlicht, hier staat een band met een missie. Ég byggði dyr í eyðimörkinni krijgt een verbeten uitvoering, het is bovendien een nummer waarbij de gitaren en uptempo partijen duidelijk zijn uitwerking hebben op het publiek.
Misþyrming weet dan ook precies wat wel werkt en wat niet werkt. Hier staat een geoliede band te spelen, die op de juist momenten het publiek opjut (zoals in Gloria ook gebeurt) en bovendien is de setlist uitstekend opgebouwd. Zo worden de meesterlijke lijnen in Ísland, steingelda krummaskuð opgevolgd door de bombastische agressie in Söngur heiftar, waarbij met name de wat meer pompende, galopperende ritmes en de versnelling opvallen. Het is een onafgebroken stroom van agressie, waarmee de band het publiek steeds steviger in zijn greep krijgt. Eenmaal meegesleurd, laat je je gewillig onderdompelen in deze maalstroom van riffs en geluiden. Bij Alglyemi bereikt dat ook een voorlopig hoogtepunt, waar de hele voorste rijen collectief op hetzelfde ritme staan mee te bangen. Indrukwekkend om te zien. En dan plof, boem is het optreden ineens afgelopen. Veertig minuten gespeeld en weg, de band had nog een kwartier over. Hadden ze honger?

Als je het gevoel hebt dat je begint in te kakken, kun je natuurlijk naar de plaatselijke Albert Heijn om daar twaalf kilo Hairbo-snoep naar binnen te werken. Wat je ook kunt doen is Eyes kijken. Uit Denenmarken. De tering, wat een energiebom laat dit vijftal los op het publiek! De band was de afgelopen jaren al te zien op andere Roadburn en Coffey Fest, dus helemaal onbekend is dit gezelschap band niet. Maar indrukwekkend nog altijd wel. De band hakt en ploegt zich door het materiaal van met name Spinner, wat enkele indrukwekkende momenten oplevert, zoals in Money Mouth waar de terugkerende breaks alles aan gort rammelen en zanger Victor bij vlagen gewoon oerkreten uitschreeuwt.
Hij wil geen underpeformers zien, duidelijk. Beter luisteren we maar naar de beste man, die nogal dwingend zijn teksten in de microfoon schreeuwt en onophoudelijk aan het bewegen is. De ene keer stuitert hij over het podium, de andere keer is hij aan het heupwiegen of doet hij alsof hij vanaf een virtuele tee een golfbal het publiek in mept. Alles perfect getimed op de breaks van dit vijftal. En qua breaks heb je aan de muziek van deze band een goede, want Spinner staat vol met korte bommen die live helemaal exploderen. Eyes is precies wat je nodig hebt om de laatste bands van de dag weer fris tegemoet te treden.

Warning is de laatste jaren veelvuldig op podia en festivals te zien geweest. De muziek is dan ook vertrouwd: trage, slepende doom metal voorzien van de kenmerkende klaagzang van Patrick Walker. Meer valt er eigenlijk niet echt over te zeggen. Ik sta wat stoïcijns naar de band te kijken en laat de riffs en zang over me heen komen. Dat geldt niet voor iedereen want bij Warning staan er meer mensen buiten of in de gang met elkaar te praten dan naar deze band te kijken. Jammer, maar ergens ook wel begrijpelijk.

Dan hebben we ook nog de drie broeders van Bloed. Die zijn niet van trage riffs, maar meer van continue gebeuk met een flinke elektronische ondertoon. Dat is meteen duidelijk tijdens het intro, waarvan de dreunen doorlopen in het begin van de set. Het geluid wordt alleen maar harder, waarbij het de eerste band is waar je broekspijpen van gaan wapperen.
Het geluid is machinaal, maar niet topzwaar zoals bij industrial. Er zitten zelfs toegankelijke stukken in die bijna aan nu-metal doet denken, gefluister incluis. Ik vermoed alleen dat nu-metal fans het geluid iets te rauw zullen vinden, want Bloed neemt af en toe afslagen die je niet ziet aankomen. Zowel op muzikaal als vocaal gebied. Vooral de zang is intens en worden bij Rijk op een staccato manier in de microfoon gekrijst, iets wat luid bejubeld wordt door het publiek.
De noise, het gekrijs, de gitaarlijnen: het is allemaal bruut maar regelmatig trekt de band ook sfeergordijnen op, ondersteund door een fraaie lichtshow. Het is dan ook niet per se luistermuziek, maar het gaat ook om iets los te maken bij het publiek. Een beleving zo je wilt en dat lukt aardig. De zaal blijft de hele set goed gevuld. Dat maakt nerveus: de band speelt een nieuw nummer en hoopt dat de geluidsinstallatie het niet verneukt. Dat gebeurt niet, Bloed bedelft het publiek opnieuw onder een bombardement van geluiden. De dreunende ritmes sleuren ons de nacht in en resoneren nog even na.

Ook present op Soulcrusher: Nails. Die band heeft geen plek in dit verslag hebben gekregen maar de foto’s vind je hieronder.

Lees ook het verslag van dag 2.
Datum en locatie
9 oktober 2026, Doornroosje, Nijmegen
Foto's:
Ruth Mampuys (Ruth-Less Photography website en Facebook)
Link:


