Rorcal – Mahre

Heb jij je ooit afgevraagd of dromen een besmettelijke ziekte zijn? Nee? Rorcal wel. Op Mahre onderzoeken de vijf Zwitsers de vraag: Wat zou er gebeuren als dromen je onvrijwillig konden bezitten en vervolgens consumeren? Dat concept alleen is al genoeg om van wakker te liggen, maar dan komt de albumhoes van Caroline Vitelli daar ook nog bovenop. Die ogen voelen bijna té echt binnen die tekening. Voldoet de muziek aan deze huiveringwekkende verwachtingen?

Op het eerste gezicht, ja. Movement 1 is een dissonante zwerm bijen die niks liever wil dan door je oren heen je schedel binnendringen om je brein kapot te steken. De herhalende hamerslag van een dissonante sludgemetalgitaar met knallende drums begint snel de vorm van een marteling aan te nemen. De band neemt flink de tijd voordat ze de vocalen deel laat nemen aan de vierendeling van de luisteraar. We spenderen bijna acht minuten van dit bijna dertien minuten lange nummer in een overeenkomstige herhaling.

Zo onthult Movement 1 al voor mij juist de tekortkoming van het album. Rorcal houdt van herhaling en ze blijven voor een groot deel van het album op hetzelfde niveau aan intensiteit, in dezelfde sfeer en met composities die slechts een klein beetje veranderen. Na enkele minuten in dit eerste nummer vraag ik mij af waar dit nummer nou eigenlijk heen gaat. Hetzelfde akkoord wordt tot vervelens toe doodgeramd. Zelfs als de vocalen er eenmaal doorheen komen, brengt dat niet veel verandering in de compositie met zich mee.

Dit is voor mij een terugkerend probleem op het album, dat wordt verergerd doordat de nummers in elkaar overvloeien tot één doorlopende track. Hierdoor wordt het moeilijk om te merken waar nummers beginnen of eindigen. Het album wordt in feite één grote brij. Mogelijk was dat, gezien het thema, volledig de bedoeling, maar ik denk dat de impact sterker was geweest als er een duidelijkere verdeling tussen had gezeten. Vooral de grote composities van Movement 1 en Movement 3 lijden hieronder, al vind ik het middengedeelte van Movement 3 er wel bovenuit steken met zijn naargeestig uitgetrokken inversie van een breakdown. Hoe intens de band ook speelt, vaak merk ik dat ik vergeet te luisteren.

Het hele album heeft een gelaagdheid om de metalkern heen, maar die is vaak verborgen in de mix. Vervormde koorstemmen, ruisende synths en roestige drones proberen door te dringen, maar worden vaak vermorzeld door de band. Movement 2 en Movement 5 steken er voor mij uit wanneer zij die kant van de band meer de voorgrond geven. Metaal kreunt, machines breken, elektronica piept en je krijgt het beeld van een industriële nachtmerrie van bloed en roest die nog net niet uit elkaar valt. Die atmosferische kant van de band zou ik graag meer willen horen.

Meningen over dit album zullen ongetwijfeld verdeeld zijn. Sommige mensen zullen helemaal wild worden van deze sfeer en deze intense composities. Ik merk dat ik hier nog iets mis. Het is een ontzettend bruut album. Gruwelijk dissonant, walgelijk industrieel en, helaas vaak, jammerlijk eentonig. Ik zou willen dat de band die lagen die ik achter al het audiogeweld hoor, meer de ruimte zou geven. Die atmosfeer, die hier nu slechts potentieel aanwezig is, zou dan veel sterker zijn.

Score:

65/100

Label:

Humus Records, 2026

Tracklisting:

  1. Movement 1
  2. Movement 2
  3. Movement 3
  4. Movement 4
  5. Movement 5

Line-up:

  • Ron Lahyani – Drums, elektronica
  • Jean-Philippe Schopfer – Gitaren, elektronica
  • Diogo Almeida – Gitaren
  • Yonni Chapatte – Vocalen
  • Jeremy Spagnolo – Bas

Links: