Fu Manchu in Metropool

Fu Manchu geldt als één van ’s werelds meest invloedrijke bands in het desert-/stonerrockgenre. Na het debuut uit 1994, bracht de in 1985 opgerichte band maar liefst twaalf albums uit, waarvan het meest recente Clone Of The Universe afgelopen maand verscheen. Terwijl de band vele hoofdsteden pakt tijdens de Europese tour voor dit nieuwe wapenfeit, weet Metropool de band gewoon te strikken voor een optreden in Hengelo.

Opener van de avond is Drive By Wire. De formatie uit Deventer wist mij vorig jaar al te overtuigen, toen dit gezelschap ook mocht openen voor Blues Pills in (thuisbasis) Burgerweeshuis, waar collega Emiel al verslag van deed. Wanneer ik vandaag de grote zaal in Hengelo betreed, tref ik de band al in volle glorie aan. De Jupiler Stage is inmiddels al goed gevuld, nu blijkt dat de laatste kaarten voor deze avond inmiddels nog in de verkoop zijn. Net als vorig jaar weet frontdame Simone Holsbeek zich weer als enthousiaste blikvanger op te stellen. De praatgrage dame beschikt over een krachtige strot, die ze perfect weet in te zetten over de ronkende, harde bluesrockriffs, waarbij ze regelmatig ook zelf de gitaar in de hand neemt. Bovendien is het voor haar ook een beetje een thuiskomen, geeft ze aan, aangezien ze zelf enige tijd in dit Twentse oord gewoond heeft. En met de nieuwe schijf Spellbound, dat vorige week uitgebracht werd, is Drive By Wire op de goede weg om nieuwe fans aan te trekken. Na pakweg een halfuur het publiek opgewarmd te mogen hebben, kunnen de dame en heren dan ook met een voldaan gevoel het podium verlaten. Het was wederom goed!

Een nieuw half uur verstrijkt, maar stipt om half tien komen de heren van Fu Manchu het podium op. En vanaf de start belooft het al een heerlijke avond te worden, waarbij de gitaren vol fuzz door de zaal zullen denderen. Los van een handvol nummers heb ik mezelf nooit de kans gegeven de discografie van de Amerikanen uit Orange County goed onder de loep te nemen. En onder het mom van beter laat dan nooit, komt daar nu verandering in. Eindelijk! Op wat wisselingen op de drumstoel na staat hier een band die al sinds 1996 samen het podium deelt. Maar zelfs drummer Scott Reeder – niet te verwarren met de Kyuss-bassist, die dezelfde naam draagt – speelt al sinds 2001 met zijn strijdmakkers. En dat is te merken aan hoe goed de heren op elkaar ingespeeld zijn.

Met Eatin’ Dust wordt geopend en het valt meteen op hoe goed de stem van Scott Hill nog steeds klinkt. De beste man is inmiddels heel wat jaartjes ouder geworden sinds ik voor het eerst iets van Fu Manchu hoorde door middel van het nummer Evil Eye, ergens in het begin van de jaren 2000. Aan ouderdom is in zijn vocalen echter niks op te merken. De energie spat er bovendien nog steeds vanaf in de nummers. Zo ook in het opvolgende Clone Of The Universe, het titelnummer van de nieuwe schijf.

Maar wanneer Evil Eye wordt ingezet, zie en hoor ik het met een brede grijns op mijn smoel aan, en denk ik terug aan de vele uren die ik met een controller spendeerde aan Tony Hawk’s Pro Skater 2, waar dit toch echt één van de betere nummers was die daarin voorkwam. Ook wordt bij de begintonen direct duidelijk, dat dit toch wel één van de bekendere nummers is, aangezien het direct jubelend wordt ontvangen. En terecht!

Clone Of The Universe, dat vooral lovende recensies kreeg, wordt vandaag uiteraard goed vertegenwoordigd. Naast het titelnummer passeren ook (I’ve Been) Hexed en Nowhere Left To Hide de revue, en de monster van een albumafsluiter Il Mostro Atomico, maar daarover straks meer. Want er worden ook genoeg oudjes gepresenteerd uit het ruime oeuvre van de band, waaronder Regal Begal, Hell On Wheels en King On The Road. Met Dimension Shifter en Strato-Streak wordt er bovendien een medley neergezet, die verbonden wordt door een heerlijk stukje zware doom. Na drie kwartier wordt echter het laatste nummer al aangekondigd. Maar wie de nieuwe schijf al in huis heeft gehaald weet dat diens afsluiter Il Mostro Atomico een beest van een nummer is – dat op plaat overigens een gastbijdrage kent van Rush-gitarist Alex Lifeson – dat bijna twintig minuten duurt en grotendeels een instrumentaal genot is. Verscheidene heerlijke riffs volgen elkaar op en het sleept je mee, hopend dat het nooit zal eindigen. Hoelang de versie duurde die live ten gehore werd gebracht, is me een raadsel. Voor het gevoel lijkt het alsof een halfuur in vijf minuten voorbij is gegaan.

Nadat de band het podium verlaat, komen de heren nog één keer terug voor de toegiften Squash That Fly en Saturn III. De bedankjes worden uitgesproken en zo komt er een einde aan een heerlijke avond met stevig gitaarwerk.

Datum en locatie

  • 3 Maart 2018, Metropool, Hengelo

Links